- Hoofdmenu
> Home
> Over mijngelderseroos.nl
> Actueel
> Nieuwsarchief
> Vraag en antwoord
> Disclaimer
> Contact
Over dementie > Wat is dementie?
Wat is dementie?

Print deze pagina

Dementie is een verzamelnaam voor verschillende hersenaandoeningen. Deze aandoeningen hebben met elkaar gemeen dat er door veranderingen in de hersenen bepaalde hersencellen niet goed meer functioneren. Uiteindelijk sterven deze cellen af. Als gevolg daarvan ontstaan uiteenlopende klachten en symptomen. De verzameling van deze klachten en symptomen wordt dementie genoemd.

In het begin van de ziekte gedragen mensen zich nog vrij normaal, omdat de meeste cellen dan nog goed werken. Naarmate meer delen van de hersenen worden aangetast, worden de veranderingen in doen en denken opvallender. De ziekte van Alzheimer komt het meest voor en is de bekendste vorm van dementie. Maar er zijn nog vele andere vormen van dementie. Vasculaire en Frontotemporale dementie bijvoorbeeld. (zie: vormen van dementie).

Welke vorm van dementie iemand heeft hangt af van het gebied in de hersenen dat wordt aangetast.  Hierdoor zijn de klachten bij elke vorm van dementie weer anders.
Iemand met de ziekte van Alzheimer wordt in de eerste plaats vergeetachtig. Iemand met Frontotemporale dementie gaat vooral dwangmatig gedrag vertonen. In beide gevallen noemen we het dementie. 
 
Normale vergeetachtigheid
Geheugenproblemen worden soms verward met dementie, terwijl dat niet nodig is. Mensen die depressief zijn hebben bijvoorbeeld ook last van vergeetachtigheid of moeite met de concentratie. Daarnaast komt “normale ouderdomsvergeetachtigheid” voor.
Als iemand ouder wordt, kost het meer moeite om nieuwe informatie op te slaan en eerder opgeslagen informatie op te halen. Veel ouderen gaan zich daarom zorgen maken over hun geheugen. Ze zijn bang dat hun vergeetachtigheid een voorteken is van dementie.

Waarop moet men letten om na te gaan of er sprake is van dementie of normale vergeetachtigheid?
Op de eerste plaats gaat het bij dementie om een zeer ernstige vorm van geheugenproblemen, hetgeen niet te vergelijken is met het af en toe even niet op een naam kunnen komen, de sleutels in de auto laten zitten of een verjaardag vergeten. Gewone vergeetachtigheid wordt vooral gekenmerkt door het feit dat de details van een bepaalde gebeurtenis niet goed meer worden herinnerd. Mensen die lijden aan dementie hebben daarentegen moeite met het onthouden van hele gebeurtenissen, zelfs als die pas kortgeleden hebben plaatsgevonden.
Bijvoorbeeld: de telefoon gaat, men neemt op en voert een gesprek. Vijf minuten later is de dementiepatiënt niet alleen vergeten wie er gebeld heeft, maar zelfs dat er iemand gebeld heeft.
 
Op de tweede plaats heeft vergeetachtigheid alleen betrekking op het geheugen, terwijl bij dementie ook andere hersenfuncties aangetast worden. Allerlei dagelijkse dingen, zoals aankleden, koffie zetten, autorijden en omgaan met geld, gaan moeilijker en kosten meer tijd. Sommige mensen met dementie hebben ook grote moeite met het juist inschatten van normale alledaagse situaties en gaan bijvoorbeeld met hun pyjama aan boodschappen doen.
Ten slotte kan een dementiepatiënt langzaamaan van karakter veranderen en bijvoorbeeld opeens heel agressief of wantrouwend worden.

Een derde belangrijk verschil tussen normale vergeetachtigheid en dementie ligt in het feit dat vergeetachtigheid in de regel niet leidt tot een verstoring van het dagelijkse leven, waar dementie dat wel doet. Vergeetachtig zijn is lastig, maar kan over het algemeen goed ondervangen worden met geheugensteuntjes, aantekeningen of een agenda. Iemand met dementie echter kan niet meer zelfstandig functioneren en heeft toezicht en/of hulp nodig. Dus wanneer iemand klaagt over het feit dat hij zo weinig kan onthouden, maar wel in staat is om bijvoorbeeld het huishouden te doen, zijn financiën te regelen of zelfstandig ergens naar toe te reizen, is de kans dat er sprake is van dementie zeer klein.
 
Hieronder worden in het kort de belangrijkste verschillen tussen normale vergeetachtigheid en dementie weergegeven.

OuderdomsvergeetachtigheidDementie
Bijna iedereen heeft hetSlechts 5-7% van alle mensen boven 65 jaar heeft het
Het is niet abnormaalHet is een ziekte en dus wel abnormaal
Het is lastig, maar maakt niet hulpbehoevendHet maakt hulpbehoevend
Heeft alleen betrekking op het geheugenMeer dan alleen geheugenproblemen
Details van gebeurtenissen vergetenHele gebeurtenis niet kunnen herinneren
Achteraf gezien was informatie wel bekend, maar kon tijdelijk niet opgediept wordenInformatie is echt niet terug te vinden in geheugen, is niet (goed) opgeslagen

'bron Alzheimer Centrum Limburg'


De gevolgen van dementie

Dementie veroorzaakt:

 

Cognitieve achteruitgang
Functies die met aangeleerde kennis te maken hebben, werken steeds minder goed. Dit zijn: Het geheugen, de taal, het denken, de waarneming en het uitvoeren van handelingen,de concentratie en het tempo.

Geheugenproblemen
Niet bij alle vormen van dementie komen geheugenklachten evenveel voor. Geheugenproblemen beginnen vaak met het moeilijk kunnen onthouden van nieuwe informatie. Mensen zijn dan bijvoorbeeld hun sleutels kwijt, vergeten vaker een afspraak of vergeten dat ze iets al een keer verteld hebben. Als een dementie langer duurt, worden geheugenklachten vaak veel erger. Uiteindelijk kan iemand vergeten waar hij woont, vergeten dat hij kinderen heeft en dat zijn ouders al jaren zijn overleden. Door de problemen met het geheugen kunnen mensen ook hun oriëntatie kwijt raken. Ze weten bijvoorbeeld niet meer waar ze zijn, hoe laat het is of welk seizoen het is.                            Een andere vorm van geheugenproblemen is dat iemand niet meer de opgeslagen informatie kan opdiepen. Hij of zij kan het deurtje tot die informatie als het ware niet goed openkrijgen.

Taalproblemen
Soms gaat een dementerende minder soepel spreken. Hij kan minder goed op bepaalde woorden komen en aarzelt vaker. Niet alleen het taalgebruik kan veranderen, ook het taalbegrip kan veranderen. Hierdoor kan de dementerende een gesprek minder goed volgen. Hij begrijpt eenvoudig niet wat er gezegd wordt.

Problemen met denken
Problemen met het denken zorgen ervoor dat iemand een situatie minder goed kan beoordelen. Het begrijpen van een grapje valt hieronder. Maar ook vooruitdenken lukt niet meer.  Een tas inpakken voor de vakantie is plotseling heel moeilijk geworden. Dit soort problemen is vaak heel praktisch van aard, omdat de dementerende niet goed onderscheidt wat belangrijk en onbelangrijk is. Maar het kan ook zijn dat de dementerende niet goed weet waar emoties van anderen op duiden. Zo begrijpt iemand die problemen heeft met het denken soms niet waarom iemand huilt.

Waarnemingsproblemen
Mensen met een dementie kunnen moeite krijgen met het herkennen van voorwerpen. Men herkent bijvoorbeeld een scheerapparaat niet meer en weet niet meer hoe die moet worden gebruikt. Ook kan het voorkomen dat mensen hun familie en vrienden niet meer herkennen.

Problemen met handelingen
De dementerende kan moeite krijgen met het uitvoeren van een handeling. Zo kan hij  bijvoorbeeld problemen krijgen met de administratie, koken, zichzelf aankleden en autorijden. Mensen kunnen ook vergeten in welke volgorde ze handelingen moeten uitvoeren. Een automatische handeling als koffiezetten kan daardoor een onmogelijke taak worden.

Emotionele veranderingen
Naast de cognitieve veranderingen kunnen ook de emoties van een persoon met dementie veranderen. Bij sommige mensen zie je vooral veranderingen in de stemming: ze zijn somberder of juist ongewoon uitbundig (euforisch). Een gebeurtenis die vroeger slechts ontroerde leidt nu tot een huilbui. Een flauw grapje leidt tot een daverende lach. Soms kan iemand het huilen niet stoppen. Hij wordt verdrietig door het huilen zelf en kan daar niet mee ophouden. Ondertussen is hij de aanleiding tot het huilen al vergeten. Hetzelfde kan gebeuren met lachen.
Ook komt het vaak voor dat mensen angstig worden en zich terug gaan trekken. Ze durven bijvoorbeeld niet meer de straat op. Er zijn ook mensen die prikkelbaar reageren, waardoor ze snel boos worden.

Gedragsveranderingen

Agressie
Als gevolg van dementie kan het gedrag veranderen. Zo kunnen dementerenden eerder boos worden en daardoor woedeaanvallen krijgen. Agressie zit in ieder mens en de meeste mensen hebben een uitlaatklep voor hun agressieve gevoelens: fanatiek sporten, mopperen enz. Mensen die dementeren bezitten de mogelijkheid om hun boosheid te regelen vaak niet meer. Wanneer ze de boosheid voelen opkomen, moet het eruit. Dat kan door schelden, schreeuwen, slaan, spugen en met spullen smijten. Vaak is de agressie gericht op degene die het meest betrokken is, omdat deze nu eenmaal dicht in de buurt is en misschien ook omdat de dementerende aanvoelt dat hij steeds meer afhankelijk is van deze persoon.

Claimgedrag en angst
Claimend gedrag heeft vaak te maken met angst. Zo kan de dementerende een partner bijvoorbeeld voortdurend achterna lopen, omdat hij bang is om alleen te zijn. Dit kan zelfs zover gaan dat de patiënt steeds mee wil, ook naar bijvoorbeeld het toilet. De oorzaak van dit gedrag is waarschijnlijk dat de patiënt zich erg onzeker en onveilig voelt, omdat de wereld steeds vreemder voor hem wordt. In de buurt blijven van een vertrouwd persoon geeft dan zekerheid en veiligheid. Ook kan de dementerende steeds meer gaan letten op de uitdrukking op het gezicht van de partner, om zo te bepalen hoe hij op bepaalde situaties moet reageren.

Verlies van initiatief
Demente mensen worden vaak lusteloos en initiatiefloos. Ze zitten veel in de stoel, nemen geen initiatief tot dingen doen. Dit wordt ook wel apathie genoemd.

Nachtelijke onrust
Het kan gebeuren dat de dementerende ’s nachts erg onrustig is. Soms wordt hij midden in de nacht wakker zonder zich te kunnen oriënteren. Dat kan gevaarlijke situaties opleveren omdat hij tegen objecten kan aanlopen en vallen. In sommige gevallen gaat de dementerende het dag- en nachtritme volledig verwisselen en heeft hij geen besef van tijd meer.

Waan, achterdocht en hallucinatie
Een waan is een gedachte  waarvan iemand overtuigd is terwijl die niet op waarheid berust. Een dementerende kan bijvoorbeeld vergeten zijn waar hij zijn portemonnee heeft gelaten en denken dat iemand die heeft gestolen. Hij kan dan iemand vals beschuldigen en tegen iedereen vertellen dat hij door die persoon bestolen is. Ook komt bij dementie regelmatig het waandenkbeeld voor dat ze worden bedrogen of verlaten door partner en kinderen. Een mildere vorm van waan is achterdocht. Ook komt het voor dat een dementerende dingen gaat zien of horen die er niet zijn (hallucinaties), zoals bijvoorbeeld beestjes of mensen.

Dwalen
Mensen met een gevorderde dementie kunnen de neiging hebben om te gaan lopen, soms urenlang. Meestal zijn ze moeilijk tegen te houden. Het dwalen kan samenhangen met het verliezen van de oriëntatie en het feit dat ze hun eigen huis niet meer herkennen, maar ook met innerlijke onrust.

Herhaling
Een ander verschijnsel van dementie is herhaling. Iemand stelt steeds dezelfde vraag, vertelt steeds hetzelfde verhaal of voert steeds dezelfde handeling uit. Zo kan iemand bijvoorbeeld voortdurend de was opvouwen of de deuren controleren. De oorzaak is vergeetachtigheid of het minder goed kunnen denken en handelen: de dementerende weet niet meer iets al eens gezegd, gevraagd of gedaan te hebben of kan zijn eigen gedrag niet goed meer stoppen en blijft hangen in een handeling. 

Spullen kwijtraken en verzamelen
Door het slechte geheugen is iemand die dementeert vaak spullen kwijt. Hij of zij weet zich niet meer te herinneren waar iets ligt en loopt er soms uren naar te zoeken. Een ander verschijnsel kan zijn dat iemand constant in kasten en laden de boel overhoop haalt op zoek naar verloren spullen. Ook komt het voor dat mensen hun spullen “veilig opbergen” en daarna kwijt zijn, omdat ze niet meer weten waar ze het gelaten hebben.

Vervagen van fatsoensnormen
Het vervagen van fatsoensnormen betekent dat iemand vergeet wat wel en niet “hoort”. Demente mensen ontkleden zich bijvoorbeeld in gezelschap van anderen, gebruiken grovere taal of lachen andere mensen uit.

Karakterveranderingen
Er verandert veel als iemand dementie krijgt, karaktereigenschappen die al aanwezig waren komen sterker tot uiting: scherpe trekjes zoals gierigheid worden bijvoorbeeld extra sterk.
Maar in andere gevallen treden er ook echte veranderingen op: iemand die voorheen gesloten was, kan plots heel open en ongeremd worden. Ook kan bij iemand die eerder altijd heel rustig was, nu snel hevige woede en angst de kop opsteken.
Je ziet ook vaak dat iemand met een dementie meer op zichzelf gericht raakt. Hij kan zich niet meer goed in de ander inleven en maakt een 'egocentrische' indruk.

Terug naar boven